Dit jaar zou je 75e geboortejaar zijn. Een liefdevoller geschenk kan ik je niet geven. Papa, bedankt voor al het moois wat je ons laat zien. 13.09.2009 *Amsterdam, 1960         1e prijs, vrij werk voor beginners van een fotowedstrijd uit 1960 bij fotografenvereniging 'De Amateur' uit Eindhoven - mijn moeder Rikie op de trappen van het Eindhovens gemeentehuis -

 

 

Mijn vader sprak niet vanuit zichzelf over zijn jeugd of over zijn verleden in het algemeen.

 

Ik zal er heus wel naar gevraagd hebben, het heeft alleszins geen sporen in mijn geheugen nagelaten.

De noodzaak of bewustwording om mijn vaders verleden, of in dit geval zijn fotografie-intenties, te bevragen of proberen te doorgronden heb ik niet ingezien. Na zijn overlijden in 2001 en mijn moeder in 2013, heb ik openstaande vragen aan mijn broer Björn en anderen voorgelegd.

De antwoorden zijn uiteraard een weergave en uiting van eigen herinneringen.

 

Omdat ik u als lezer en geïnteresseerde een beeld wil geven van mijn vader, geven onderstaande herinneringen, data, opsommingen een globaal beeld.

Gelukkig heeft hij, bewust of onbewust, veel nagelaten in zowel beeld als op schrift. Als kind mogen we ons gelukkig prijzen met een vader die heel veel tastbaars heeft bewaard van onze jeugd. Vanaf geboorte tot en met opleiding of studie, netjes geordend in mappen op jaartal.

Welk kind of persoon kan nog zeggen dat de volgekladerde, doorgeprikte gum en geodriehoek bewaard zijn gebleven of zowat alle fröbels van de kleuterschool? Of een inkijk in de familiegeschiedenis vanwege kasboeken die hij vanaf 1966 bewaard heeft in een stevige en grote 'Superscope' radiodoos uit 1974? Zelfs al zijn rijbewijzen, ook die van mijn moeder, netjes opgeborgen. Waar kom je dat nog tegen? Inderdaad, bij ons thuis ... !

 

Om zijn werk inhoudelijk te bespreken ben ik niet de aangewezen persoon. Op termijn zal zijn werk, naar alle waarschijnlijkheid, worden opgenomen in de Brabant-Collectie van de Tilburg Universiteit, daar waar kennis en kunde samenkomen en zijn nalatenschap gewaarborgd is.

 

In mijn verdere zoektocht naar zijn motivaties en inzichten op fotovakgebied zal ik proberen de persoon Harry enigszins te achterhalen.

 

Harry Guntlisbergen, Hendrikus Johannes Martinus, geboren in 1934, Dahliastraat 8, stadsdeel Stratum in Eindhoven, verloor op 16-jarige leeftijd zijn moeder, Martina der Kinderen. Dit verlies heeft hem er waarschijnlijk toe bewogen om zijn ouderlijk huis, zijn vader Johannes en jongere broer Jan te verlaten om het leven zelf te gaan uitvinden.

 

Zijn opleiding tot elektricien aan de ambachtsschool bracht hem bij Philips, de affiniteit met dit vak kon hem niet bekoren, liet dit vak voor wat het was en ging aan de slag als fietsbezorger van medicijnen voor de Amsterdamse Chininefabriek in Eindhoven. Om werkelijk voor zelfstandigheid te kiezen, zo vermoed ik, ging hij mee als bemanningslid op een trampvaart oftewel wilde vaart. Hoelang zijn betrekking heeft geduurd en waar hij voet aan land heeft gezet is me nog niet bekend. Het zal een hevig avontuur zijn geweest, want de jongemannen werden niet gespaard.

Mijn vader heeft zijn dienstplicht vervuld en rond die tijd in 1952 heeft hij mijn moeder, Rikie de Wit, ontmoet in het Eindhovense uitgaansleven. Mijn vader werd direct liefdevol opgenomen in de familie van mijn moeder.

 

Nog voordat hij zich via zelfstudie in het boekhoudersvak ging bekwamen was hij werkzaam voor de PTT als postbezorger. Dat mijn vader efficiënt en systematisch kon denken werd duidelijk, doordat hij een manier had bedacht om zoveel mogelijk poststukken met zo min mogelijk handelingen mee te nemen door een optimale tasindeling en postordening. Zijn systeem kreeg navolging. Na het behalen van het Staatsexamen in '63 en '64 ging hij voor de gemeentebedrijven Eindhoven werken, afdeling boekhouding. Ook hier had hij een manier bedacht om de vele periodieke kwitanties én bijkomend extra werk via een aparte codering te verwerken, de directie beloonde zijn idee met fl. 100,-

 

Inmiddels getrouwd en vader van twee kinderen, verhuizen we eind 1975 van stadsdeel Strijp naar het dorp Dommelen. Wellicht een strategische beslissing, omdat daar de verbeelding en de binding met historisch en cultureel erfgoed in combinatie met het Kempische en ook Limburgse landschap vanuit dit dorp dichtbij gelegen is. Mijn vader was een 'alle-seizoenen' fietser en tevens een fervent wielerliefhebber. Eenmaal woonachtig in Dommelen werd hij lid van Toer- en Wieler Club 'De Kempen' uit Valkenswaard en heeft daar jaren achtereen plaatsgenomen in het bestuur als penningmeester.

 

Met zijn camera en statief in de zijtassen kon hij behoorlijke afstanden overbruggen in een relatief korte tijd mét een dusdange snelheid waarmee hij voldoende interessante composities en momenten kon ontdekken en vastleggen. Kortom als 'verkenningsvoertuig' voor hem veel beter dan de auto die hij sporadisch gebruikte, alhoewel zijn Vespa snorfiets hem vanaf 1994 wat afstand wel verder heeft gebracht.

 

Daarnaast was mijn vader een ochtendmens, wat hem vele voordelen opleverde met veelal prachtige, typerende ochtend lichtvallen en weinig hinder van verkeer, waar hij zeer kien op was deze zo veel mogelijk te vermijden. Zo ook de maisvelden die tijdens het zomerseizoen, langdurig een belemmering waren en hem, zoals hij me eens vertelde, helaas schitterende vergezichten hebben ontnomen.

 

In het nieuwe huis kon hij, net als in Eindhoven, zijn doka inrichten. Waarschijnlijk heeft hij ook gebruik gemaakt van de doka van fotografen vereniging 'De Amateur', een Eindhovense vereniging opgericht door Martien Coppens, waar hij rond 1960 lid van was. Zijn werkgever, de gemeentebedrijven, hadden ook een eigen fotografenclub en of hij daar actief bij betrokken was weet ik tot dusver nog niet.

Ik weet wél absoluut zeker dat mijn vader gelukkig was in zijn doka, daar was hij helemaal in zijn element. Alles naar zijn hand zetten en tot in de finesse werken aan een eigen 'receptuur'. In de loop der jaren heeft hij nauwkeurig vorderingen en handelingen genoteerd om de beste resultaten te behalen. In zijn aantekeningen staan veelal filternummers, doordruk- en tegenhoudtijd, jaargetij, standplaats, weersomstandigheid of een routebeschrijving.

 

Als kind mocht ik weleens helpen of toekijken. De geur, de stilte, de donkere en op den duur niet meer zo donkere kamer, het hoorbaar tikken van een aftellende klok of het magisch moment dat er een beeld op papier tevoorschijn kwam, mijn vader kon toveren! Echter vond ik het meest fascinerende de kast waar hij blindelings en feilloos zijn gereedschappen en materiaal kon vinden. De kastdeur maakte een typisch piepend geluid en was vaak en goed hoorbaar. Die speciale kast staat nu in mijn kamer met een bijna zelfde piepgeluid en de herinnering weer tot leven komt.

 

Ik meen dat ik mijn vader begrijp, kijk graag door zijn ogen en koester de gedachte dat wat er was óf nog is, van waarde kan zijn voor later.

Dat hoop ik.

 

Tjabine - januari 2018 -

 

 

Beautyflex  Rolleiflex T - Tessar, bouwjaar 1958-1966  Rolleiflex Tessar en 6002     


                     

 

 

                                                                                                                      

 

 

    all images © Harry Guntlisbergen